Gepubliceerd op 12 oktober 2020

“Corona” zorgt voor veel onzekerheid

“Corona” zorgt voor veel onzekerheid. Ook bij ondernemers. Wat wordt het nieuwe normaal ? Sommige ondernemers zijn gedwongen hun bedrijf radicaal van aard te laten veranderen, anderen doen het juist
enorm goed.

Wat doet het nu goed? Rijp en groen door elkaar. Alles wat met de platformeconomie te maken heeft en veel software die zich richt op onderwijs, zorg, online services, betaalmethodes enz. Maar ook meer traditionele sectoren doen het soms ineens (weer) verrassend goed. Voedselproductie en verkoop, verblijfsaccommodaties buiten de Randstad hebben (gelukkig) een drukke zomer achter de rug en een aannemer voor een verbouwingsklus thuis is tot de zomer van volgend jaar niet te krijgen. Iedere verandering biedt dus voor bijna iedereen ook kansen, maar soms vraagt dit een, ongemakkelijke 180 graden draai van markten of werkzaamheden.

“Corona” brengt een versnelling aan in maatschappelijke ontwikkelingen die onvermijdelijk waren. Denk aan het “werken vanuit huis” en het, op afstand, efficiënt vergaderen met behulp van teams en zoom. Een andere ontwikkeling waar we, in fiscaal Nederland, al een poos op zitten te wachten is een versnelling in bedrijfsopvolging.

Het tij is gunstig. Immers; het betoog dat een onderneming op dit moment minder waard is dan voorheen (crisis en onzekerheid), zal sneller op begrip kunnen rekenen bij de Belastingdienst. Een relatief voordelige “instap” voor de volgende generatie wellicht. Tweede argument is dat we nog steeds een ruimhartige bedrijfsopvolgingsregeling kennen. Deze gaat op de schop en zal daarbij niet gunstiger worden. Het kabinet is al aan het voorsorteren in de zogenaamde “bouwstenennotitie”. Derde argument is dat er veel geld is bij investeerders; die azen allemaal op de parels van de economie. Ook in het familiebedrijf. Toch zien we de opvolgingsgolf maar mondjesmaat van start gaan. Het zou interessant zijn om te onderzoeken waar dat door komt. Wil men de opvolger niet in lastige crisisomstandigheden laten starten? Voelt de ondernemer niet de noodzaak om al te stoppen? “Gunt” men de volgende generatie niet de stress van het ondernemerschap, of wacht met de post-crisisperiode af in de verwachting op een veel hogere opbrengst bij aankoop door een strategische koper?